• 0000301425 MB 2K
    • 0000301425 MB 2K

    Artikel Nr. 301408

    MB 2K

    Multifunctionele bouwafdichting - verenigt de eigenschappen van een flexibele, scheuroverbruggende, minerale afdichtingsmortel MDS (AbP conform PG-MDS/FPD) en bitumen afdichtingscoating PMBC (U-bericht conform DIN EN 15814)

    Prüfbericht 5382/119/14, 5383/120/14, 5344/081/14 Button Durchtrocknung 18 h

    Productspecificaties

    Bij levering

    Basis Polymeerbindmiddel, cement, additiven, speciale-vulstoffen
    Doordrogingstijd
    (5 °C / 90 % relatieve luchtvochtigheid)
    ca. 18 uur voor 2 mm laagdikte
    Dichtheid verse mortel ca. 1,1 kg/dm³
    Consistentie Pasteus
    Scheuroverbrugging ≥ 2 mm (bij droge laagdikte ≥ 3 mm)
    Laagdikte 1,1 mm natte laagdikte geeft ca. 1 mm droge laagdikte
    Insnijdingsdrukproef Voldoet, ook zonder wapeningsweefsel
    Waterdampdoorlaatbaarheid µ = 6600
    Waterdichtheid Getest tot 8 m waterkolom

    De genoemde waarden staan voor typische producteigenschappen en moeten niet als bindende productspecificatie worden uitgelegd.

    Toepassingsgebied

    • vloeren/wanden binnen en buiten
    • Snelle afdichting
    • Nieubouwafdichting
    • Horizontaalafdichting in en onder muren
    • Curatieve bouwafdichting conform WTA
    • Bouwwerken > 3 m beneden maaiveld
    • Combinatiebouwsystemen (aansluiting waterdicht beton beneden maaiveld en bouwconstructie boven maaiveld)
    • Sokkel- en voetafdichting
    • Afdichting in combinatie (AiV)
    • Hechtbrug op oude bitumen
    • Reparatie van platte daken waaronder geen woonruimte zit

    Eigenschappen

    • Snelle doordroging en vernetting na 18 uur
    • Voldoet aan de testvereisten voor PMBC
    • Oplosmiddelvrij.
    • Bitumenvrij
    • Waterdicht
    • Hoge drukvastheid
    • Zeer goede hechting, zelfs op niet-minerale ondergronden (bijv. plastic, metalen, enz.)
    • Extreem flexibel, elastisch en scheuroverbruggend
    • Snel beloopbaar en herbehandelbaar (≥ 4 uur)
    • UV-bestendig
    • Vorst- en dooizoutbestendig
    • Stuc- en overschilderbaar
    • Te kwasten, slurry, spachtel- en verspuitbaar
    • Werkvoorbereiding
      • Eisen aan de ondergrond

        Egale, minerale ondergrond.

        De ondergrond moet schoon, draagkrachtig zijn en ontdaan van olie, vet en lossingsmiddelen.

        Matvochtige oppervlaktes zijn toegelaten.

        Reinig en ontvet de niet-minerale oppervlakken, en indien nodig, opruwen.

      • Voorbereidingen

        Oneffenheden en mortelrestanten verwijderen.

        Hoeken en kanten afronden.

        In de kim Tape VF (art.nr. 5071) in het materiaal inbedden en < 20 mm afronden.

        Oneffenheden > 5 mm met geschikte spachtel of MB 2K versneden met Selectmix RMS (mengverhouding 1:1 tot 1:3) dichtzetten of vlak maken.

        Eventueel beschermen tegen vocht vanuit de ondergrond.

        Minerale ondergronden met Kiesol/Kiesol MB gronderen.

        Op zwak zuigende ondergronden ter voorkoming van blaasvorming een schraaplaag van Multi-Baudicht 2K aanbrengen (ca. 500 gr MB 2K/m²)

        Bij doorvoeren PVC buizen met schuurpapier opruwen, metalen buizen reinigen en eventueel schuren.

    • Bereiding
      • mengverhouding comp. A 1 : comp. B 1,4
      • mengtijd 3 min
      • Combiverpakking

        Met toegepast mengapparatuur het vloeibare component oproeren.

        Opgeschud poedercomponent volledig aan het vloeistofcomponent toevoegen.

        Ca. 1 minuut mengen, mengperiode onderbreken en de ingemengde lucht laten ontsnappen.

        Aanklevend resterend poeder aan de binnenranden van de emmer afschrapen.

        Mengen verder zetten gedurende 2 minuten

        Mengapparatuur tijdens het mengen steeds op bodemniveau .

    • Verwerking
      • kwasten / mortelvloer / spaanlaag / spuiten
      • verwerkingstemperatuur min. 5°C max. 30°C
      • Verwerkingsvoorwaarden

        Materiaal-, omgevings- en ondergrondtemperatuur minstens +5 °C tot max. +30 °C

      • Verticale oppervlakteafdichting

        Breng volgens de regels twee lagen materiaal aan op de voorbereide ondergrond.

         

        Horizontale oppervlakteafdichting

        Breng volgens de regels twee lagen materiaal aan op de voorbereide ondergrond.

        Na droging, voor het leggen van de dekvloer twee lagen polyethyleenfolie aanbrengen.

        Rondom de randen afdichten tot de bovenzijde van de vloer respectievelijk een horizontale afdichting aanbrengen.

         

        Horizontaalafdichting in en onder wanden

        Breng volgens de regels twee lagen materiaal aan op de voorbereide ondergrond.

         

        Aansluitdetails/voegen tussen de bouwdelen

        Hoek- en aansluitvoegen, evenals aansluiting met opgaande bouwonderdelen (bijv. ramen van vloer tot plafond, deuren, enz.) Met het VF-voegbandensysteem overbruggen.

        Product als contactlaag leggen, Voegenband VF inbedden.

         

        Doorvoeren

        Doorvoeren rondom kimnaadachtig afdichten.

        Doorvoeren rondom schuin dichtzetten of bij doorvoeren met plakflens of een los-vastflens deze in MB 2K inbedden.

        Bij drukkend water de Remmers flens gebruiken.

         

        Sokkelpleister

        Voor navolgende aan te brengen stuclagen moet een extra slurrylaag op de laatste afdichtingslaag worden aangebracht en nat-in-nat Aanbrandmortel volledig dekkend aanbrengen.

        Het overlagen met een lijmmortel of wapeningslaag kan zonder extra slurrylaag/aanbrandmortel na circa 4 uur worden gedaan.

         

        Overlagen en afwerken

        Na 4 uur kan er worden overlaagd of afgewerkt met lijmmortel, spachtel of wapeningsmortel.

         

        Coaten

        Direct te coaten met een bindmiddelrijke dispersieverf.

        Steeds een proefvlak zetten!

    • Verwerkingsinstructies
      • Niet bij direct zonlicht verwerken.

        De schraaplaag geldt in het algemeen niet als afdichtingslaag.

        De gezamelijke maximale laagdikte mag de 5 mm niet overschrijden.

        Mortel die al begint te verharden niet meer met water aanmaken of toevoegen aan verse mortel.

        Verse lagen tenminste 24 uur tegen weersinvloeden (zon, wind, regen, vorst) beschermen en vochtig houden (bijv. door de laag af te dekken met een folie).

        Droge afdichting beschermen tegen mechanische schade.

        Zonder toevoeging van een lastverdelingslaag niet geschikt als afdichting onder vloeren in magazijnen met stellingen.

        Voor toereikende verluchting zorgen bij de verwerking in gesloten ruimtes . (ademmasker)

    • Gereedschap / Reiniging
      • met spaan / plamuurmes / spuiten
      • Geschikte mengapparatuur (bijv. Collomix-mengspiraal DLX 152), roller, spaan, laagdiktespaan, troffel, kwast, blokkwast.

      • Gereedschap voordat de mortel verhard met water schoonmaken.

        Opgedroogd materiaal kan alleen nog mechanisch worden verwijderd.

    • Opslag / Houdbaarheid
      • houdbaarheid 9 maand
      • vorstvrij en koel opslaan/tegen vocht beschermen/verpakking goed sluiten
      • In gesloten, originele verpakking, vorstvrij, droog en tegen te grote opwarming beschermd, minstens. 9 maanden.

    • Verbruik
      • 1,2 kg / mm laagdikte / m²
      • Minstens. 1,1 kg/m²/mm droge laagdikte Laagdiktes en verbruikshoeveelheden bij de toepassing als scheuroverbruggende MDS bij binnen- en buitentoepassing: Zie verbuikstabel met de toepassingsvoorbeelden.

      • Exacte verbruikshoeveelheid op een voldoende groot proefvlak bepalen.

    • Toepassingsvoorbeelden
      • Waterinwerking

        Belastingsklasse (DIN 18195) [teruggetrokken sinds juli 2017]

        Droge laagdikte (mm)
        Natte laagdikte (mm)
        Verbruik (kg/m²)
        Opbrengst 25 (kg/m²)
        W1.1-E/W1.2-E* bodemvocht en water zonder druk
        klasse 4 bodemvocht en water zonder druk 
        ≥ 2,0
        ca. 2,2
        ca. 2,5
        ca. 10,0

        W2.1-E** matige inwerking van water onder druk (diepte beneden maaiveld        < 3 m)

        klasse 6

        stuwend water en water onder druk

        ≥ 3,0
        ca. 3,3
        ca. 3,7
        ca. 6,8

        W2.1-E** matige inwerking van water onder druk (diepte beneden maaiveld        < 3 m)

        afdichting bij overgangen met waterdichte betonelementen
        ≥ 4,0
        ca. 4,6
        ca. 5,1
        ca. 4,9

        W2.2-E*** grote inwerking van water onder druk (diepte beneden maaiveld        > 3 m)

        ---
        ≥ 3,0
        ca. 3,3
        ca. 3,7
        ca. 6,8

        W3-E** water zonder druk op met aarde bedekte plafonds

        klasse 5

        water zonder druk op met aarde bedekte plafonds

        ≥ 3,0
        ca. 3,3
        ca. 3,7
        ca. 6,8
        W4-E spatwater bij spatplinten en capillair vocht in en onder muren in contact met de bodem

        spatwaterzone/

        sokkelafdichting

        ≥ 2,0
        ca. 2,2
        ca. 2,5
        ca. 10,0
        W4-E spatwater bij  spatplinten en capillair vocht in en onder muren in contact met de bodem
        afdichting in en onder muren
        ≥ 2,0
        ca. 2,2
        ca. 2,5
        ca. 10,0
        ---
        watertanks met dieptes tot 10 m
        ≥ 3,0
        ca. 3,3
        ca. 3,7
        ca. 6,8
        *     op metselwerk met een specifieke overeenkomst
        **   specifieke overeenkomst nodig
        ***  specifieke overeenkomst nodig / toepassing alleen toegestaan op betonondergronden  
        Toeslag op laagdiktes conform DIN 18533:
        du = schraaplaag verbruik ca. 0,5 kg/m² (afhankelijk van de ondergrond)
        dv = met laagdiktespaan niet nodig / zonder laagdiktespaan verbruik ca. 0,4 kg/m² (dmin = 3 mm)

    • Algemene instructies
      • Productgegevens zijn onder laboratoriumcondities bij 20°C en 65% relatieve luchtvochtigheid verkregen

        Afwijkingen van actuele normen en regelgevingen moeten afzonderlijk worden overeengekomen.

        De richtlijn voor de planning en uitvoering van afdichtingswerkzaamheden van bouwdelen beneden maaiveld met flexibele afdichtingsmortel Deutsche Bauchemie 2, uitgave Stand 2006 moet in acht worden genomen.

        Bij de voorbereiding en uitvoering altijd de beschikbare testrapporten in acht nemen.

        Bij het uitvoeren van afdichtingswerkzaamheden moeten de gegevens van de betreffende testrapporten in acht worden genomen. Deze zijn op de website beschikbaar.

        Steeds een proefvlak zetten!

    • Verwijderingsinstructie
      • Grotere productrestanten conform de plaatselijk geldende voorschriften in de originele verpakking deponeren. Volledig lege verpakkingen kunnen gerecycled worden. Mag niet samen met huisvuil afgevoerd worden. Niet in riolering lozen.

    • Veiligheid / Regelgeving
      • Verdere informatie met betrekking tot de veiligheid bij transport, opslag, afval en ecologie vindt u in onze nieuwste veiligheidsinformatiebladen.